Breadcrumbs
Home / KidsTips
Tips
“Pesten gebeurt. Het is niet iets waar je als school voor hoeft te schamen. Wel moet je als school handelen. Altijd. Binnen het uur, het liefst.” Deze uitspraak komt van een van de leerkrachten uit het boek bij deze site (en omgekeerd) Pesten Is Laf. Dit boek is een ware handleiding. Het biedt u mogelijkheden om beleid te maken en uit te voeren. Het boek bevat succesverhalen van scholen (bo en vo) om pesten en cyberpesten met beleid tegen te gaan. Bestel dit boek via Kindeconsument
Tips: (onderstaande tips zijn een selectie van bovenstaand boek). © Kinderconsument.nl)
Preventie Wat kan school doen? “Pesten is als onkruid. Als je de grond niet goed onderhoudt en je schoffelt niet geregeld zal het blijven terugkomen. Het is een oneindig verhaal en met een protocol los je feitelijk niks op.”Bijdrage van leerkracht ‘Swalsky’ op Pestforum‘
In elke situatie waarin sprake is van pesten, neemt de signalerende persoon maatregelen’ Het Christelijk Lyceum in Zeist toont via haar website haar regels tegen pesten. Het bijzondere van dit protocol is dat er niet alleen ingegaan wordt op wat pesten is en dat de school ’t niet toestaat maar leerlingen laat weten dat mensen klaar staan om hen bij te staan als er pestgedrag voorkomt. Er wordt gehamerd op het aangeven van pestgedrag waarna school actie zal ondernemen. Het protocol gaat uit van een helaas reëel gegeven dat pesten altijd voor zal komen. Nergens beweert men dat de school pestvrij is, ook niet als belofte aan de ouders. Dit is de reële belofte van het lyceum: Wie pesten signaleert grijpt onmiddellijk in en meldt het voorval bij de mentor, de teamleider of de schoolleiding. Aanpak (als er toch gepest wordt ….. )
In elke situatie waarin sprake is van pesten, neemt de signalerende persoon maatregelen.Waar mogelijk is aangegeven van wie verwacht wordt actie te ondernemen.
1. INGRIJPEN (alle betrokkenen)
2. MELDEN bij mentor of de schoolleiding
3. DOCENTEN EN OOP indien nodig op de hoogte brengen (teamleider)
4. PESTERS AANSPREKEN op hun gedrag en straffen (teamleider of mentor)
5. Indien nodig neemt de MENTOR MAATREGELEN tot verbeteren van de groepssfeer. Hij/zij kan daartoe OMGANGSREGELS opstellen in de klas (een “contract” of “anti pest-protocol”)
6. Het pestslachtoffer aansporen tot melden in geval van herhaling (bij mentor/teamleider)
7. OUDERS van slachtoffer en van pesters op de hoogte stellen en de genomen maatregelen doorspreken (mentor)
8. Indien noodzakelijk GESPREKKEN met pestslachtoffer om kennis en weerbaarheid te vergroten (eventueel met medewerking van vertrouwenspersoon en/of orthopedagoge)
9. Bij herhaling, gesprekken met pester of (deel van) de zwijgende meerderheid (mentor, eventueel vertrouwenspersoon en/of orthopedagoge)
10. Bij verdere herhaling: MAATREGELEN waaronder schorsing (teamleider/directie)11. Indien noodzakelijk inschakelen van EXTERNE INSTANTIES (Timon, Riagg, wijkagent e.d.)
12. Betrokkenen wijzen op informatie en hulpverlening via internet, b.v. via de site: Pestweb
Bron: Lintox
Advies 1: Update uw pestprotocol. Wees niet naïef. De wereld is veranderd. Op uw school en voor uw leerling. 70% van uw tienjarige leerlingen loopt rond met een eigen gsm. Bijna elke voortgezet onderwijsleerling heeft een eigen gsm, en sommigen hebben er al twee. De pestprotocollen behoren te worden geüpdate en naar de eenentwintigste eeuw geholpen. Dat houdt in: regels en sancties t.b.v. internetgebruik en mobieltjes. Dit hoofdstuk eindigt met een email die wij ontvingen van een docent die voorstander is van een gemonitord internet. Op zijn school wordt het gebruik bekeken en bijgehouden. Op andere scholen gebruikt men een filtering: om te voorkomen dat leerlingen op de in de optiek van de school ongewenste websites kan bezoeken. Niemand garandeert dat een protocol, een monitor of een filter 100% afdoende is. Maar het zijn allemaal pogingen om de schoolomgeving waar het gaat om nieuwe media zo veilig mogelijk te maken. U vindt in dit enkele voorbeelden van een geüpdate protocol.
Advies 2: Verbied het gebruik van mobieltjes in uw gebouw. Dit boek bevat een heel hoofdstuk over hoe het mobieltje als een wapen kan worden gebruikt om te cyberpesten. Opnieuw zeggen we u: scholen, wees niet naïef. Maak regels over de nieuwe computer inclusief internetverbinding en allerlei functies waar we vroeger alleen maar over konden dromen! Ons 2e nationale Veilig Internet Onderwijscongres liet ons niet voor niets zien hoe Star Trek in de zestiger jaren haar tijd ver vooruit was. Leerlingen kunnen nog net niet als Spock uitroepen: Beam Me Up Scotty… maar die tijd komt ook nog wel! We verwijzen wederom naar het hoofdstuk elders in dit boek over mobieltjes. Maar wat te doen met b.v. schoolkampen? Een oplossing van een docente die deelnam aan een van onze workshops willen we niet onthouden. Zij ging met de gehele klas naar Texel. De leerlingen konden hun gsm mee nemen maar moesten die (net als op school) inleveren. Op elke gsm plakte juf leukoplast met de naam van het kind. En na het avondeten, tussen 19.00-21.00 uur, konden de kids bellen en gebeld worden. Resultaat? Een fijne sfeer onderling. Geen ouders die inbraken op het groepsgevoel. Weinig heimwee bij de kids. En: geen ongewenst filmpjes of foto’s en cyberpesten. Plus: er was geen gsm gestolen!
Advies 3: Organiseer het vertrouwen Wie is de beste vertrouwenspersoon op school? Voor de leerling is dit veelal de conciërge of de kantinejuffrouw. Waarom? Omdat zij laagdrempelig zijn en zeer gemakkelijk te benaderen. Vertrouwen dient te worden georganiseerd. Uw leerling moet naar u toe willen komen… het is immers de leerling die zijn/haar vertrouwen aan u als leerkracht of decaan moet durven geven? En wat als de leerling weet dat u niets weet van msn en gsm? En, in haar/zijn ogen, dus ook niets van cyberpesten Heeft u al eens uw aantrekkingskracht als vertrouwen- of contactpersoon getest? Oftewel: vertrouwen de leerlingen u (voldoende)? Een confronterende vraag! Durft u eens na te gaan waar uw leerlingen vertrouwen zoeken? Hoe zit dit met ouders? Hoe zit dat voor uw collega’s? Waar gaat men terecht? Waar zoekt men? Als leerlingen worden gepest willen wij immers dat zij hulp zoeken. Maar zij vertrouwen niemand, en vinden eigenlijk dat niemand er iets aan kan doen… wil doen. Hoe doorbreken wij pestgedrag? Door allereerste te weten dat het er is. En dat is juist het bijzondere aan het cyberpesten. Het is onzichtbaar voor degene die niet de treiterchats en -mails leest, of de dreig sms’jes ziet. Maak het onzichtbare zichtbaar door er over te praten; door het ter sprake te brengen (zie advies 4). En door allereerst het vertrouwen in school te bouwen. Zet b.v. leerlingen in de “sollicitatie”commissies voor vertrouwenspersonen? Laat hen meepraten!
Advies 4: School uw mensen bijCyberpesten is een blinde vlek voor vele leerkrachten en ouders, voorlichting zorgt ervoor dat de ogen worden geopend. Wij kunnen hiervoor zorgen. Nodig ons uit. En: bedenk dat er vele experts al bij u rondlopen… uw leerlingen. Jaarlijks komen wij op meer dan 400 scholen en andere instellingen. Men vraagt ons om branden te blussen, b.v. als er iets naars is gebeurd dat met gsm’s en internet te maken heeft. U hoeft als school niet allround te zijn: schakel ons in. Voor uw mensen: ouders, leerkrachten en leerlingen. Maar… wij vragen u wel om bij een workshop voor leerkrachten altijd het onderwijsondersteunend personeel te laten deelnemen. De conciërge, het kantinepersoneel, de schoonmakers… zij zijn degenen die meer over het wel en wee van uw leerlingen weten dan u!
Advies 5: Geef het goede voorbeeld. Onderschat uw eigen invloed niet. Herinnert u docenten van vroeger? Hun vervelend gedrag vol pesterijtjes en laatdunkende opmerkingen? Nu bent u aan de beurt om eens kritisch naar uw team en u zelf te kijken. Docenten moeten het voortouw nemen. Leerlingen die er niet zo leuk uitzien. Leerlingen die lage cijfers halen. Leerlingen met een rare voornaam. Leerlingen die wat traag zijn. Wat doet u? Het kan geen kwaad om eens uw eigen team onder de loep te nemen. Ook hierbij kunnen we u helpen. Want laten we eerlijk zijn: het onderwijs kan een soms benauwd wereldje zijn waar er heel wat afgeroddeld en gekletst wordt. Welk effect heeft dit op het gedrag en gevoelens van onze leerlingen?
Advies 6. Meld rottigheid In dit boek staan heel wat voorbeelden van scholen waar heel wat mis is gegaan. Laten we niet denken dat dit ons niet kan gebeuren. Het lijkt louter toeval dat uw school niet aan de beurt is. Hoe vaak komen wij scholen tegen die erkennen nooit te hebben gedacht dat cyberpesten ook op hún school gaande was? Als het misgaat gaat het erom spannen. Hoe is de sfeer? Is het vertrouwen en contact met ouders, leerlingen en collega’s solide genoeg? Kan uw school deze storm aan? Een protocol is een goede basis, maar het komt neer op handelen en vertrouwen dat de storm weer gaat liggen en dat iedereen z’n best heeft gedaan. Ten eerste adviseren we u bij rottigheid op school zoals de voorbeelden die u heeft kunnen lezen: los het niet alleen op! Haal hulp! Meld de narigheid! Vraag steun! In opdracht van het Project Preventie Seksuele Intimidatie PPSI verzorgt De Kinderconsument vele workshops. De congressen die halfjaarlijks voor po en vo plaatsvinden en waar honderden vertrouwenspersonen samen komen zijn een ware inhaalslag. U vindt er kennis en kan met collega’s van gedachten en ervaringen wisselen. Dat geldt ook voor onze eigen jaarlijkse congressen. Maar als ook bij u van alles misgaat op dit terrein: meld het. We verwijzen u bij deze naar het PPSI; www.ppsi.nl Bovendien: steek uw licht ook eens op bij collega-scholen van u? sluit u niet op, isoleer uw school niet maar leg contacten en laat u inspireren. We verwijzen u graag naar de wijze waarop het Vellesan College in Ijmuiden en de GSg Schagen te werk gaan. Zie de interviews in dit boek.
Advies 7: Betrek de ouders Juist met pesten is de inbreng van ouders onontbeerlijk. Het gaat immers om hun kind! Pestend en gepest kind! Ter preventie van situaties waarin ouders woedend worden omdat b.v. hun kind geen gsm meer in de klas mag hebben is het zaak om hen bij beleid omtrent de veilige school te betrekken. Beleid dat plotsklaps van kracht wordt kan behoorlijk bedreigend overkomen! Beleid hoort breed gedragen te worden. Leg uit waar uw beleidswensen vandaan komen en laat ouders mee denken. Zie het prima voorbeeld van GSg Schagen verderop in dit boek. Het zijn immers de ouders die o.a. de mobieltjes aan de kids meegeven! U heeft hen nodig!
Advies 8: Betrek de leerlingen “Bij pesten moet een school altijd wat doen. beter dan niets doen”, vond een leerling bij de voorbereiding van dit boek. Leerlingen verwachten dat u de sfeer op school bewaakt. Dat kan niet zonder de leerling zelf. Leerlingen zijn de beste experts waar het gaat om nieuwe media, maar ook om hoe de sfeer op school wérkelijk is. U beweegt zich tussen uw klas en de leraarskamer. Maar het zijn de kinderen die op het schoolplein staan, in de toiletten, in de klas. Schakel leerlingen in. Laat hen mee denken en mee beslissen. Beter een stap met z’n allen in de goede richting, dan geen richting. Is uw school nog niet toe aan een volledig gsm vrije zone? Willen uw leerlingen het eerst proberen met enkele gsm toegestane zones zoals de kantine? Prima. Maar spreek meteen af wie wat doet als het misgaat. Stel b.v. een mogelijkheid in om anoniem te melden en neem de meldingen door met een afvaardiging van leerlingen.
Er zijn al vele scholen u voorgegaan: OBS De Cocon in Alkmaar en Reitdiep College, vestiging Kamerlingh Onnes in Groningen.
De Cocon: “De veiligheid wordt verbeterd door pesten tegen te gaan. In plaats van de pesters te straffen, wordt de hele groep verantwoordelijk gesteld voor de sfeer.” En het werkt volgens Riet de Jong, adjunct directeur en intern begeleider van het project: "Het pesten is sinds het project verminderd. Het mooie is, dat kinderen zelfs een andere rol in de groep gaan vervullen. Zo vroeg laatst een voormalige pester: 'Mag ik verdediger worden?'
Op het Reitdiep College zijn leerlingen medeverantwoordelijk voor het runnen van de school. Ze zijn bijvoorbeeld tutor, bemiddelaar, kantinemedewerker of computerleraar en verdienen daarmee studiepunten. De opgedane ervaring komt in een document naast het reguliere diploma. Els Zaalberg, conrector: "We zetten in op leerlingen serieus nemen en hen betrekken bij de school. Dát is veiligheid, dat zijn niet pasjes en veiligheidspoortjes. We willen dat leerlingen echte taken krijgen in de school. We hebben allerlei projecten opgezet, zoals tutor: medeleerlingen helpen elkaar met vakken waar ze niet goed in zijn. Vooral bij de vakken wiskunde en Engels wordt veel bijles gegeven door leerlingen. Of het hulp-mentorproject: ouderejaars begeleiden brugklassers en maken hen wegwijs op school. Bij peer mediation bemiddelen oudere leerlingen in conflicten die jongere leerlingen hebben. Zij moeten zonder mening of oordeel te geven bemiddelen, net als bij scheidingen. Daar krijgen ze natuurlijk eerst cursussen in.” Deze scholen ontvingen in 2006 de Veilige Schoolprijs. Leer van hun voorbeeld en de voorbeelden die u hier onderaan het boek ziet.
Zoals het Lindenholt College in Nijmegen waar men zelfs samen met leerlingen een project heeft gerealiseerd om te leren omgaan met seksuele diversiteit. Want wist u dat (nog steeds) een van de ‘ergste’ scheldwoorden homo is? Handige websites van schoolvoorbeelden:
Cocon, Alkmaar: Veiligeschoolprijs
Reitdiep College, Groningen: Veiligeschoolprijs
Lindenholt College Nijmegen: Veiligeschoolprijs